Verslag deelsessie gebiedsplanning 18 september
De bijeenkomst van de Club van Wageningen en Transform op 18 september stond in het kader van Decentraal Digitaliseren. Dat thema is opgeknipt in deelsessies rondom 3 pijlers: Plannen, Aansturen en Afrekenen. De deelsessie gebiedsdata is gelinkt aan de eerste pijler: plannen. Hoe maak je plannen voor een gebied? Welke digitalisering is daarvoor nodig? Welke data speelt daarin een rol?
Vanuit de interbestuurlijke samenwerkingsafspraken (ISA) worden belangrijke randvoorwaarden voor data & monitoring binnen het energiesysteem voorbereid. De uitwerking hiervan is complex en kost veel tijd. Ondertussen gebeurt er heel veel op veel verschillende plaatsen. Hoe kunnen we aan de slag blijven?
Rijk van Voskuilen (NPRES) liet zien hoe hij een gebied benadert vanuit een data sprint:
- Hoe groot is het aanbod en de vraag van energie binnen het gebied en hoe ziet de nettopologie eruit?
- Welke geo-data (kaartspecialisme) van de gebiedsopgaven kan daaraan worden toegevoegd?
- Welke gebiedsprofielen zijn beschikbaar?
Vanuit de interactie met de deelnemers bespraken we dat er altijd verschillende gebiedsindelingen te maken zijn. Het samenbrengen van de afdelingen Energie en Ruimtelijke Ordening van gemeenten binnen een gebied is cruciaal om vanuit een lokale behoefte te ontwerpen. Het energetisch ontwerp voor een gebied moet zich altijd verhouden tot toekomstige ontwikkelingen in zo’n gebied. Daar kom je alleen achter door de juiste interactie met spelers in dat gebied te organiseren. Dat is een tijdrovend proces, waarbij een grote afhankelijkheid bestaat van de kwaliteit van beschikbare data. Veel gedetailleerde data ontbreken nog. In hoeverre kan een model (digital twin) een hulpmiddel zijn voor het ontwerpende en rekenkundige karakter van dit proces?
Wiet de Ronde (Gradyent / ORTESE) legde uit hoe zij voor het gebied Emmen een digital twin ontwikkelen. Die digital twin heeft als doel om real-time optimalisatie & simulatie van de verschillende energetische componenten te ondersteunen. Hij ging in op de bouwstenen van een digital twin. Zijn aanbevelingen:
- Maak de lokale context leidend voor de doelarchitectuur niet andersom
- Waar mogelijk, gebruik open standaarden en ben software agnostisch
- Maak de doelarchitectuur web- en cloud based
- Gebruik flexibele, modulaire set-up van de software
- Voldoe minimaal best-practice security standaarden
- Hanteer een expert model
De presentatie leidde tot de vraag: ben je niet bezig een Ferrari op te tuigen? En zou een mini ook kunnen volstaan? En ook; wat is eigenlijk een digital twin?
Na plenair gesprek: nee, je hebt niet overal een Ferrari nodig. Het hangt af van de doelformulering van het initiatief.
In de middagsessie stond de vraag centraal: Wat zijn de stappen die je in de eerste zes maanden sowieso moet zetten? Het bleek een niet te beantwoorden vraag. De taal- en begripsverwarring was groot, en ook het bovengenoemde aspect dat een helder doel cruciaal is, werd erkend.
Bij 1 van de discussiegroepjes werd een assenmodelletje (zie bijlage onder dit artikel) samengesteld waarin de mini-versus-ferrari analogie terugkwam. Het is een hulpmiddel om elkaar beter te begrijpen in het gesprek over data in gebiedsprocessen.
In een gebiedsproces kun je op systemisch niveau de opgave bekijken. Dan kijk je naar de totale energiestromen of de diverse gebiedsopgaven in een groter geheel. Als je inzoomt op een kleiner detailniveau kom je op elementniveau uit. Ook zit er een verschil tussen de behoefte aan meer of minder data. Soms kan het juist slim zijn om in te zetten op data minimalisme. Meer data leidt niet automatisch tot meer inzicht, en het vraagt wel grotere (tijds)investeringen. Soms is er meer data nodig vanwege het detailniveau of de complexiteit. Dit assenstelsel helpt om te duiden waar men naar op zoek is rondom data in gebiedsprocessen.
Op de bijeenkomst zijn kruisbestuivers uitgenodigd, experts van buiten de domeinen energie en digitalisering, om hun licht te laten schijnen op de besproken onderwerpen vanuit eigen perspectief.
Reacties van de kruisbestuivers:
- Zorg voor lokale interactie. Het bouwen van een model kan niet losstaan van de lokale ondernemers, bewoners en andere partijen en hun plannen voor de toekomst.
- Pas op voor een technocratische benadering van een dynamische werkelijkheid.
- Een digital twin is toch ook maar gewoon een model. Het begint met de doelformulering waarvoor je een digitaal model zou willen inzetten.
Aanbeveling: zorg voor vermindering van de begripsverwarring die ontstaat als we het over digital twins hebben. Zorg dat duidelijk wordt dat het doel van een initiatief bepaalt welke mate van complexiteit de modellering vereist. In de komende tijd gaan we met deze aanbeveling verder.